Volg ons op social media!

Uitspraak: Paul Sneijder, kandidaat Europarlementariër PvdA
Bron: PvdA verkiezingsmagazine

Oordeel: Pinokkiofactor 1 – Waar met een kleine maar:
De kranten schrijven regelmatig over grote plannen van de Europese Unie, waarbij er wordt geconcludeerd dat ‘Brussel’ iets aan Nederland heeft opgelegd. Heeft Nederland dan helemaal geen inspraak? Europarlementskandidaat Paul Sneijder legt het uit; er gaat geen besluit van de Europese Unie de deur uit zonder dat Nederland erover meepraat. En daar heeft hij volgens Pinokkio grotendeels gelijk in.

 

dots

 

De bewering

Paul Sneijder staat op de vijfde plaats van de PvdA kandidatenlijst voor het Europees Parlement. In een interview voor het PvdA magazine over de Europese verkiezingen vertelde hij het als zijn taak te zien om uit te leggen wat Europa doet. Zo vindt hij het vervelend dat het beeld geschetst wordt dat Europa uit is op de pensioencentjes van Nederlandse burgers. Sneijder legt dan ook uit dat er geen besluit van de Europese Unie de deur uitgaat zonder dat Nederland daarover meepraat. Van zulke algemene beweringen gaan bij Pinokkio de alarmbellen rinkelen. Want het is prettig dat een politicus het debat iets wil nuanceren, maar klopt het eigenlijk wel dat Nederland bij iedere vorm van Europese besluitvorming betrokken is?

 

dots

 

De feiten

Europees recht is vrij ingewikkeld en dat komt niet in de laatste plaats door de verscheidenheid aan regels en besluiten die door verschillende organen hun weg vinden naar de lidstaten. De belangrijkste afspraken over de EU staan in het Verdrag van de Europese Unie en het Werkingsverdrag van de Europese Unie. Deze verdragen zijn gebaseerd op eerdere Europese verdragen, waar Nederland als founding father bij betrokken is geweest.

Op basis van de verdragen zijn er verschillende soorten EU maatregelen: verordeningen, richtlijnen, besluiten, aanbevelingen en adviezen. Het initiatief voor verordeningen en richtlijnen wordt meestal genomen door de Europese Commissie, waarna de Raad en het Europees Parlement inspraak hebben voordat de verordening of de richtlijn wordt aangenomen. Besluiten, die toezien op individuele gevallen, worden meestal genomen door de Raad, maar kunnen op beslissing van de Raad ook worden gedelegeerd aan de Commissie. Adviezen en aanbevelingen zijn niet bindend, en worden genomen door respectievelijk de Raad en de Commissie.

Niet op alle gebieden mag de EU maatregelen nemen. In het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) is er sprake van gecoördineerde actie, wat betekent dat de lidstaten gezamenlijk optreden. De standpunten in het GBVB worden unaniem door de Raad vastgesteld. Daarnaast zijn er nog de uitspraken van het Hof van Justitie die effect kunnen hebben voor Nederland en zijn er netwerken van toezichthouders (bijvoorbeeld over energie, of telecom) die afspraken kunnen maken en, tot op zekere hoogte, besluiten kunnen nemen.

Er zijn dus verschillende organen die besluiten nemen in de EU, maar hoe is Nederland daarbij betrokken? Ons land is vertegenwoordigd in de Raad door een nationale minister (zie ook de algemene pagina over de Raad). In het Europees Parlement zitten Nederlandse partijen, waar Nederlandse burgers op kunnen stemmen tijdens de Europese verkiezingen. In deze organen van de Europese Unie is het Nederlandse stempel van goedkeuring echter niet altijd vereist: de meeste verordeningen en richtlijnen worden genomen met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Dit betekent dat een tegenstem van Nederland niet automatisch betekent dat een verordening of richtlijn de prullenbak in moet, zolang er aan de vereisten voor zo’n meerderheid wordt voldaan. Bij belangrijke beslissingen, zoals uitbreiding van de EU of de maandelijkse verhuizing van het Europees Parlement naar Straatsburg, moeten wel alle lidstaten hun goedkeuring geven. Dit wordt vetorecht genoemd. Mocht Nederland bijvoorbeeld als enige van de 28 lidstaten stemmen tegen de komst van een nieuwe lidstaat, dan gaat de uitbreiding van de EU niet door. Het Parlement gaat nog altijd elke maand naar Straatsburg, omdat Frankrijk steeds stemt tegen het schrappen van de verhuizing.

Voor leden van de Commissie en het Hof van Justitie kan niet gestemd worden, maar Nederland heeft wel een Eurocommissaris geleverd (Neelie Kroes, verantwoordelijk voor de Digitale Agenda) en twee rechters bij het Hof van Justitie (Sacha Prechal en Marc van der Woude). De Europese netwerken, tot slot, bestaan uit nationale toezichthouders en, vaak, de Commissie.

 

dots

 

De afweging

De opmerking van Sneijder is lastig te duiden, omdat niet precies duidelijk wordt wat hij nu bedoelt met ‘besluiten van de EU’. Uit de feiten blijkt dat er nogal wat wordt besloten in Europa, en dat daar veel verschillende organen bij betrokken zijn. Bij de meest voorkomende rechtshandelingen, de verordeningen en richtlijnen, is Nederland op verschillende manieren betrokken. Zowel de nationale gekozen ministers als de gekozen Europarlementariërs kunnen invloed uitoefenen op de totstandkoming daarvan.

Bij het GBVB, waar de crisis in Oekraïne onder valt, besluiten de Ministers van Buitenlandse Zaken van alle lidstaten samen wat er moet gebeuren. Zo dus ook onze eigen minister Timmermans van Buitenlandse Zaken. Het Europees Parlement en de Europese Commissie hebben hier dan niets mee te maken.

De enige bindende ‘besluiten’ waar Nederland niet als zodanig over meepraat zijn de uitspraken van het Hof van Justitie. Hoewel twee rechters door Nederland zijn geleverd, spreken zij onafhankelijk recht. Het kan dus voorkomen dat het Hof van Justitie iets beslist waar Nederland het niet mee eens is. Dit zien we in Nederland ook wel eens; de rechter kan iets beslissen waar de Tweede Kamer het niet mee eens is. Het is dan aan de politiek om de wet aan te passen of te verbeteren. Datzelfde kan op Europees niveau ook gebeuren, en dan is Nederland er uiteraard weer bij betrokken.

 

dots

 

Conclusie: waar met een kleine maar

Pinokkio zegt: De Europese Unie opereert niet los van de lidstaten; Nederland kan op veel momenten invloed uitoefenen op wat er in de Europese Unie gebeurt (zie ook de uitleg over subsidiariteit). Die invloed gaat van het stemmen over voorgestelde verordeningen en richtlijnen, tot het coördineren van buitenlands beleid en discussiëren over toezicht op Europees niveau. Dat die mogelijkheid er is, betekent natuurlijk niet dat Nederland daar altijd gebruik van maakt, terwijl Sneijder met zijn opmerking lijkt te suggereren dat dit wel het geval is. Pinokkio vindt de bewering waar, met een maar: Nederland kan inderdaad overal over meepraten, maar of ze dat ook in alle gevallen heeft gedaan is lastig te checken.

 

dots